Achtergrond

En toen was er EARP…

Reeds in 2003 was er een kleine club studenten en co-assistenten aan het zoeken naar een verdieping binnen het anatomische onderwijs. Deze werd gevonden in de persoon van Gert-Jan Kleinrensink, destijds universitair hoofddocent anatomie. Er werd toestemming gegeven buiten de reguliere lesuren, met name ’s avonds, gebruik te maken van de snijzalen van het Erasmus MC. Hierbij werden als tegen prestatie diverse anatomische modellen gemaakt voor onderwijsdoeleinden. Na twee jaar bijna wekelijks met deze dynamische groep te hebben gedissecteerd, werd het idee geboren deze manier van onderwijs op een grotere schaal aan te bieden binnen de faculteit. Zo ontstond het plan voor wat nu het Erasmus MC Anatomy Research Project, kortweg EARP heet.

In 2005 werden deze ideeën steeds concreter en werd er in april van dat jaar gestart met het eerste jaar EARP onder de naam “Chirurgisch Anatomische Masterclass”.
Voor de tachtig gereserveerde plaatsen melde zich bijna vierhonderd studenten aan.
Na een omstreden loting werd er gestart met acht tutoren (student-docenten) welke allemaal zouden gaan doceren aan hun studiegenoten voor een periode van acht weken. Om het overzicht te houden werd de groep in vieren gesplitst en verdeeld over verschillende dagen in de week. Elke groep zou zich gaan richten op een bepaalde regio van het lichaam, zo werd er een groep abdomen, thorax, hoofd/hals en extremiteiten gevormd.

In de loop van de jaren is de kwaliteit van het onderwijs steeds beter geworden. Zo is er al vanaf het begin een eigen anatomische dissectiehandleiding gemaakt door de verschillende student-assistenten en tutoren, welke jaarlijks wordt herzien en verbeterd. Inmiddels behoren deze boekwerken tot de ruggengraat van het project.

Zoals met de meeste projecten die klein beginnen, is EARP inmiddels uitgegroeid tot een volwaardig autonoom peer-to-peer onderwijs model. Waarbij een jonge dynamische groep studenten zich in de periode tussen oktober en maart met meer dan 25 student-assistenen, tutoren en bestuursleden bezighouden met het samenstellen van een eigen onderwijs- programma voor de jaarlijkse tien weken durend, hands-on, klinisch anatomisch avondonderwijs.

Hierin is niets te gek, zo worden er onder andere verschillende specialisten uitgenodigd om aan deze extra gemotiveerde groep deelnemers onderwijs te geven in de vorm van colleges, demonstratie operaties en klinisch anatomische lessen.

Naast onderwijs wordt er binnen EARP steeds meer onderzoek verricht. Met name klinisch anatomische vraag stukken worden hier uitgezocht, het geen al tot verschillende publicaties heeft geleid. Daarnaast zien we vaak dat (oud-)EARP leden de mogelijkheid aangrijpen experimenteel onderzoek te doen, zo zijn er inmiddels diverse (soepele)anatomische modellen vervaardigd welke gebruikt kunnen worden voor het simuleren van operaties en het geven van klinisch anatomisch onderwijs voor het reguliere onderwijs. Daarnaast is er een anatomisch computer mapping model ontwikkeld waarmee anatomische variaties kunnen worden gevisualiseerd.

Naast al dit onderwijs en onderzoek is er een groot sociaal component dat mede voor de goede sfeer zorgt. De diverse borrels en feesten zijn een welkome onderbreking tijdens dit vaak intensieve programma. Wij zijn dan ook erg trots op alle EARP assistenten, tutoren en bestuur die menig vrije uurtjes en avonden investeren in dit Pro Deo project.

Met Anatomische groet,

Hilco Theeuwes